WWW.SOUPLESSEMETHODE.NL

Met het boek Het Duurloopmisverstand

Intervaltraining wordt vooral gezien als een manier om - na een opbouw met duurlooptraining - de wedstrijdsnelheid te verhogen. Uit een aantal studies blijkt dat intervaltraining ook goed is om af te vallen en dat het zelfs beter werkt dan langzame duurlooptraining.

Langzame duurlooptraining werd decennia lang gezien als dé manier om  af te vallen. Immers, bij lage intensiteit maakt het lichaam voornamelijk gebruik van vetverbranding als energiebron. Dit laatste is echter slechts relatief: als u stilzit maakt u in verhouding het meest gebruik van vetverbranding! Wat echter bepalend is, is het totale energieverbruik. En dat is bij (intensieve) intervaltraining per tijdseenheid veel groter dan bij langzame duurlooptraining. Met intervaltraining val je dus in minder tijd meer af dan met duurlooptraining.

Er zijn tal van voordelen aan intervaltraininig:
* Je verbrandt extra calorieën tot aan 8 uren na afloop van de intervaltraining, terwijl met een langzame duurloop het verbruik van extra calorieën stopt vrijwel direct nadat je de laatste stappen gezet hebt. 
* Je lichaam verandert de manier waarop koolhydraten opgeslagen worden. Om volgende intensieve intervalsessies aan te kunnen, zal de energievoorziening efficiënter worden: het proces van omzetten van koolhydraten in glucose en glycogeen zal beter en sneller gaan, hetgeen betekent dat je meer brandstof tot je beschikking hebt voor korte, intensieve inspanningen. 
Met jogging in lage intensiteit wordt je lichaam efficiënter in het omzetten van koolhydraten in lichaamsvet, om het gereed te maken voor toekomstige jogging-sessies in lage intensiteit. Vet is de brandstof bij voorkeur voor joggen, terwijl glycogeen dit is voor de intensievere intervaltraining.
* Intervaltraining heeft ook het grote voordeel dat je je veel tijd bespaart: met 2 tot 3 sessies van 30 minuten per week zou je hetzelfde aantal calorieën verbranden als 4 of meer uren joggen.

Minder is in dit geval (om af te vallen) dus beter!